HomeBoekenArtikelenColumnsOnderzoekLinksBioContact

Columns

De modernistische gevel

Bij de expressionistische gevel zagen we al hoe nauw verwant architectuur en beeldende kunst waren. Vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw raakten architectuur en stedebouw onder invloed van de moderne schilderkunst, die abstracter en minder realistisch was geworden.

Het woord modern gaat via het Frans terug op het Laatlatijnse modernus 'nieuw, hedendaags', een afleiding van het klassiek-Latijnse bijwoord modo 'op dit moment' – denk ook aan het woord mode. De invloed van de schilderkunst is bijvoorbeeld te zien in het beroemde Rietveld-Schröderhuis uit 1924, dat oogt als een gebouwde Mondriaan.

Voor de 'abstracte' architectuur van na 1925 gebruiken we meestal de term modernistisch, als bijvoeglijk naamwoord bij de stroming modernisme. In 1908 had de Oostenrijkse architect Adolf Loos al geschreven: "Ornament is ein Verbrechen", oftewel "ornament is een misdaad". Voor modernistische architecten, met de Zwitserse Le Corbusier voorop, was de functie van het gebouw dan ook belangrijker dan de vorm.

Het woord functie 'taak, verrichting' gaat via het Frans terug op het Latijnse fūnctiō, een afleiding van het werkwoord fungī 'verrichten'. Vanwege dit uitgangspunt wordt de stroming ook wel functionalisme genoemd. Een andere naam, Nieuwe Zakelijkheid, is waarschijnlijk ontleend aan het Duitse Neue Sachlichkeit. Het woord zakelijkheid stond hier gelijk aan 'doelmatigheid, efficiency'.

Modernistische gebouwen moesten vooral ruimtelijk zijn en de gevels bestonden vaak alleen uit beton, staal en glas. Het woord beton is in de negentiende eeuw ontleend aan het Frans en gaat opvallend genoeg terug op het Latijnse woord bitūmen 'teer' (dat we eerder al rechtstreeks ontleend hadden). Staal is een erfwoord dat in het Germaans nog vooral betrekking had op zwaarden en messen. Door de modernisten werd het ingezet omdat het slanke constructies en kozijnen mogelijk maakte. Glas is een erfwoord dat oorspronkelijk 'barnsteen' betekende (en omdat glas daarop leek kreeg het nieuwe product die naam).

Toch werden met deze kale materialen wel degelijk fraaie gevelcomposities gemaakt, met name voor villa's en fabrieks- en kantoorgebouwen. Kenmerkend zijn horizontale raamstroken, betonnen kolommen (van het Latijnse columna 'zuil') en platte daken. Na de Tweede Wereldoorlog werd de massawoningbouw ook uitgevoerd volgens modernistische principes en dat heeft de stroming geen goed gedaan. Vanaf de jaren zestig kwam er een eerste tegenreactie, die pleitte voor meer aandacht voor verschillen en voor de menselijke maat.

Uiteindelijk bleek het modernisme dus niet de definitieve stroming in de architectuur, en is een nieuw soort eclecticisme ontstaan, dat bij gebrek aan een betere term postmodernisme wordt genoemd. Welke gebouwen daarvan zullen overblijven als de monumenten van de toekomst zal de tijd moeten uitwijzen.

Herenhuis, 2012, nr. 3.

Terug naar columns