HomeBoekenArtikelenColumnsOnderzoekLinksBioContact

Columns

De straat

De straat is waarschijnlijk de meest voorkomende openbare ruimte van Nederland. Elk dorp en iedere stad kent straten: lineaire, verharde ruimten met huizen erlangs. De straat is ook de meest neutrale openbare ruimte die er is. Als we iets een straat noemen, drukken we daar op het eerste gezicht weinig specifieks mee uit.

Oorspronkelijk was dat in ieder geval anders. Net als het Engelse street en het Duitse Straße is ons woord straat namelijk in de Romeinse tijd ontleend aan het Latijnse via strāta, dat 'geplaveide weg' betekent. Daarmee was het dus een specificatie van de niet altijd bestrate via.

In het Nederlands bestaat van oudsher een vergelijkbaar onderscheid tussen straat en weg. In nederzettingen waren de belangrijkste straten meestal wel geplaveid, maar de verbindingswegen tussen de dorpen en steden niet. Die werden pas verhard in de negentiende eeuw, waarbij straatwegen of rijksstraatwegen ontstonden.

Tegenwoordig bestaat tussen straten en wegen een ander belangrijk verschil. Aan een straat liggen namelijk altijd toegangen tot gebouwen. Bij een weg kán dat ook het geval zijn, maar we noemen het dan eigenlijk alleen een weg als het profiel te breed is om de ruimte als straat te bestempelen.

Kennelijk is de straat toch vrij specifiek: de afstand tussen de gevels mag enerzijds niet te groot zijn en anderzijds spreken we bij een smaller profiel van een steeg. De als typisch en prettig ervaren breedte van de straat levert meteen een van de belangrijkste ontwerpproblemen van deze tijd op: dat van het parkeren.

Stedelijk Interieur 2008, nr. 1.

Terug naar columns