HomeBoekenArtikelenColumnsOnderzoekLinksBioContact

Columns

De singel

Net als de boulevard is de singel een typisch negentiende-eeuwse openbare ruimte. Het woord singel kent echter een veel langere geschiedenis. Het gaat via het Frans terug op het Latijnse woord cingula, dat 'gordel' betekent. De oudste betekenis in het Nederlands is dan ook 'buikriem van paarden'.

Alleen in het Nederlands ging het woord vervolgens ook de 'gordel' om een stad aanduiden. Al in de middeleeuwen was de cingele de 'buitenste muur' om de stad, of de 'gordelweg' die daarlangs liep. Omdat steden meestal ook door water werden omgeven, kon de betekenis nog verder worden uitgebreid tot 'buitenste gracht, vestinggracht'. Niet voor niets heet de gracht die langs het middeleeuwse Amsterdam loopt Singel. Hét Singel wel te verstaan, want alleen in Amsterdam is de singel onzijdig.

In de hoofdstad kwam het Singel in de zeventiende eeuw midden in de stad te liggen en sindsdien wordt de grachtengordel omsingeld door de Singelgracht. In veel andere steden werden de vestingwerken in de singelzones echter pas in de negentiende eeuw bij de stad getrokken, en daarbij omgevormd tot brede wandelpromenades met water, zoals in Utrecht in 1829.

Die groen-blauwe profielen gingen vervolgens een eigen leven leiden, bijvoorbeeld in het beroemde Waterproject van de Rotterdamse stadsarchitect W.N. Rose uit 1854. Op enige afstand van de stad ontwierpen vader J.D. Zocher jr. en zoon L.P. Zocher geheel in Engelse landschapsstijl verschillende slingerende waterlopen, aan weerskanten voorzien van flauw hellende grastaluds en beplanting. Erlangs verrezen chique woonhuizen voor de Rotterdamse burgerij.

Sinds de jaren twintig van de vorige eeuw kennen singels een meer recht-toe-recht-aan verloop, maar ze zijn nooit verdwenen uit de stedebouwkundige gereedschapskist. Omdat de singel met zijn taluds gemakkelijk grote hoeveelheden extra regenwater kan bergen, lijkt het met het oog op de klimaatverandering een belangrijk openbare-ruimtetype voor de toekomst.

Stedelijk Interieur, 2008, nr. 5.

Terug naar columns